Niet opruimen, maar voorkomen: hoe Amsterdam werkt aan een stad met minder afval


Van reparatie tot een mogelijk verbod op wegwerpbekers: de gemeente Amsterdam zet stevig in op afvalpreventie. Senior beleidsadviseur en coördinator afvalpreventie Céline Heldring vertelt hoe de hoofdstad daaraan werkt, waarom de Koplopergroep Afvalpreventie daarbij waardevol is én welke lessen andere gemeenten kunnen toepassen.

Al vier jaar houdt Céline Heldring zich bij de gemeente Amsterdam bezig met de vraag hoe afval kan worden voorkomen. De stad heeft de afgelopen jaren grote stappen gezet en behoort inmiddels tot de koplopers op het gebied van afvalpreventie. Ook sloot Amsterdam zich bijna vijf jaar geleden aan bij de Koplopergroep Afvalpreventie van VANG HHA, nog voordat afvalpreventie echt hoog op de agenda stond van de gemeente.

Het wiel niet opnieuw uit hoeven vinden

‘Toen we werden benaderd, waren we eigenlijk nog niet heel veel met afvalpreventie bezig’, deelt Heldring. ‘Dat kwam pas één of twee jaar later echt op gang.’ Toch twijfelde ze geen moment om aan te sluiten. ‘Vanuit een intrinsieke motivatie vond ik afvalpreventie heel interessant en ik dacht: als gemeente kunnen we hier flink meters maken.’

Volgens Heldring zit de kracht van de Koplopergroep vooral in de kennisuitwisseling tussen gemeenten. ‘Iedereen probeert van alles uit op het gebied van afvalpreventie, en die kennis wordt goed gedeeld. Daardoor hoeft niet iedereen telkens opnieuw hetzelfde wiel uit te vinden en kunnen gemeenten sneller doorontwikkelen.’ Voor Heldring zit de grootste meerwaarde in de korte lijnen tussen gemeenten. ‘Zo wissel ik met Amersfoort ervaringen uit over herbruikbare verpakkingen, met Groningen over reparaties en met Breda over kringloopinitiatieven en de Zero Waste Week.’

Minder weggooien, meer repareren

De afgelopen jaren bouwde Amsterdam stap voor stap aan een brede aanpak, waarbij voorkomen belangrijker is dan opruimen. ‘Vier jaar geleden hebben we een afvalpreventieaanpak geschreven,’ vertelt Heldring. ‘Daarin hebben we maatregelen bedacht voor verschillende afvalstromen die we in het Amsterdamse straatbeeld zien: wegwerpverpakkingen, meubels, matrassen, kartonnen dozen en elektrische apparaten.’

Voor Amsterdam begint het voorkomen van afval al ruim vóór de afvalbak. ‘Preventie gaat niet om beter inzamelen of recyclen, maar om maatregelen die voorkomen dat afval überhaupt ontstaat. Daarom hebben we een kaart met reparateurs en kringloopwinkels ontwikkeld, reparatiecursussen georganiseerd en geëxperimenteerd met reparatievouchers.’

De volgende stap is het stimuleren van hergebruik. ‘Wat we nu zien, is dat we willen kijken hoe we het tweedehandsnetwerk in de stad beter kunnen verankeren. Hoe creëer je genoeg gelegenheid om op een circulaire manier afscheid te nemen van je spullen?’

Plastic werd papier, maar bleef wegwerp

Eén van de meest ambitieuze projecten waar Amsterdam nu aan werkt is de mogelijke invoering van een verbod op wegwerpbekers en andere wegwerpverpakkingen voor consumptie onderweg. ‘Amsterdam kampt met veel zwerfafval’, constateert Heldring. ‘Daarbij bestaat ongeveer een derde van het zwerfafval uit to-go-verpakkingen.’ Huidige Europese regels, die zijn vertaald naar nationale wetgeving, hebben daarbij volgens Heldring nog onvoldoende effect. ‘Plastic vorkjes zijn nu bamboevorkjes, en plastic bakjes zijn nu papieren bakjes. Maar dat betekent nog steeds dat er afval op straat is - alleen is het niet meer van plastic.’

Juist daarom onderzoekt Amsterdam of het mogelijk is om een verbod op wegwerpverpakkingen lokaal wettelijk te verankeren. ‘We laten uitzoeken of we op lokaal niveau wetgeving kunnen invoeren die wegwerp verbiedt. Het lijkt erop dat dat kan.’ Tegelijk kijkt de gemeente naar de gevolgen van zo'n overstap voor ondernemers. ‘Welke rol spelen wij als stad in die transitie? Wat faciliteren we, wat financieren we en wat is echt aan de markt?’

Elke gemeente kan aan de slag

Afvalpreventie hoeft volgens Heldring niet altijd groots of ingewikkeld te zijn. Ook gemeenten met minder capaciteit kunnen veel bereiken, zolang ze kiezen voor maatregelen die echt impact maken. ‘Kijk vooral: wat kunnen we voor het systeem doen? Zet niet uitsluitend in op grote communicatiecampagnes; die leveren vaak weinig op als je ze niet combineert met een ander element.’

Volgens Heldring zit de grootste winst juist in systeemmaatregelen. ‘Denk bijvoorbeeld aan de JA/JA-stickers. Zo’n maatregel is in principe een simpele aanpassing van de afvalstoffenverordening, maar levert wel een grote reductie in papierafval op! En verken ook eens wat je samen met Repair Cafés of bibliotheken kunt doen: op die manier versterk je ook de lokale ondernemers én de gemeenschap. Begin klein, en maak gebruik van de kennis die al beschikbaar is.’

Ook aan de slag met afvalpreventie? De Menukaart Afvalpreventie van Rijkswaterstaat helpt gemeenten op weg. Per thema en ambitieniveau vind je praktische maatregelen, inspirerende voorbeelden uit andere gemeenten en concrete handvatten om direct de eerste stap te zetten.


Céline Heldring