Gft-congres 2026: Impact in de keten


Dinsdag 7 april 2026 vond in Utrecht een nieuwe editie plaats van het Gft-congres. Welke concrete voorbeelden en maatregelen kunnen gemeenten, inzamelaars en verwerkers verder helpen in het scheiden, inzamelen en verwerken van gft-afval? Van educatie tot AI en van boetes tot nazorg: dit zat er in het goedgevulde bakje van de deelnemers zelf.

Cijfers en stand van zaken

Eerst de huidige stand van zaken in het gft-vraagstuk. Sabrina van der Linden van Rijkswaterstaat presenteerde de laatste cijfers.

De scheiding van huishoudelijk afval gaat al sinds 2020 steeds beter. De meest recente statistieken (2023) laten zien dat het totaal aan organisch afval in het restafval op z’n laagste punt ooit is, ongeveer 800 kiloton. Toch is het gemiddelde percentage organisch afval in restafval nog steeds verontrustend: 30,8 procent. Gemeenten zijn goed op weg met het updaten van de nieuwe wel-niet lijst (koffie en thee staan nu op ‘wel’), maar lopen flink achter in de strijd tegen voedselverspilling. Ruim 80 procent heeft hier nog geen actief beleid op.

Nederland zamelde in 2024 meer weer gft in. Onder de huidige regels moet iedere gemeente bioafval van huishoudens gescheiden inzamelen. Maar hiervan afwijken is soms mogelijk. Een recent gepubliceerde Kamerbrief stelt nu dat het Rijk het afschaffen van deze uitzonderingen onderzoekt.

Op het gebied van verwerking (cijfers van Vereniging Afvalbedrijven) troffen verwerkers 3,5 procent vervuiling (qua gewicht) aan; geen verandering met het jaar ervoor. Sinds 2018 is er wel een dalende lijn. Ruim 30 gemeenten, van Halderberge tot Epe, weten dit percentage zelfs onder de 3 procent te houden.

De laatste cijfers over compost in Nederland (2023): er wordt weer iets meer gecomposteerd, zo’n 1600 kiloton. Waarvan 617 kiloton ook een nieuwe bestemming vindt (afzet).

Bekijk ook het GFT-dashboard in de vernieuwde Afvalmonitor.

Boeten of belonen?

Tussen de plenaire presentaties kreeg het publiek een prikkelende vraag. “Zijn zachte maatregelen voldoende, of kunnen we de kwaliteit van gft alleen verbeteren met controleren en beboeten?” De uitkomst in de zaal: een aantal verwerkers vond dat we meer moeten inzetten op controle en beboeten, en gemeenten willen dit traditiegetrouw liever niet. “Kunnen we bewoners niet belonen?” was een tegenvraag die bijval kreeg.
Johan Splinter van de gemeente Almere gaf daar later een voorbeeld. Binnen een jaar kreeg de gemeente de vervuiling in gft-bakken van 9 procent naar 3 procent door het uitvoeren van controles per wijk. Deze werden aangekondigd. Was de inhoud van de bak niet goed, dan kreeg de bak een rode kaart en werd deze niet geleegd. Na een belletje met de gemeente kwam een afvalcoach langs om op een positieve manier uitleg te geven en om de bak te legen. Wel werd duidelijk gemaakt dat een tweede misser een boete oplevert. “We merken dat als er géén kans op een boete is, het niet gaat werken. De hoeveelheid boetes, op alle controles in een jaar tijd, viel zelfs mee. We hebben nog geen 50 boetes hoeven uitdelen.”

Compost in Vlaanderen

Wim vanden Auweele van Vlaco, de Vlaamse belangenbehartiger van overheden en bedrijven die organisch afval verwerken, liet zien hoe onze zuiderburen omgaan met inzameling van afval tot aan de verwerking tot compost. Want, zo stelde hij: “We zijn dan wel gelijkgestemd, toch zijn er tussen Nederland en Vlaanderen kleine verschillen.” Wat valt op in de aanpak in België?

  • Sinds 1 januari 2024 mag gft-afval niet meer bij het restafval. Ook wordt vanaf 2026 in elke gemeente gft-inzameling georganiseerd. Bioafval moet sinds 2024 ook bij bedrijven worden ingezameld.
  • De term en afkorting ‘GFT’ blijft, maar de definitie is veranderd naar iets wat meer de lading dekt in verband met etensresten: ‘keuken- en tuinafval’. “Mensen kennen deze term. Ze zijn vertrouwd met bak en zak”, legt Wim uit.
  • Vlaco werkt, net als Nederland, aan elke schakel in de keten voor het sluiten van de biologische kringloop: preventie, inzameling, verwerking, afzet en promotie van eindproducten. Hierin is kwaliteitsbewaking een essentieel element.

Deelsessies

Opbrengst werksessies

Werksessies ‘Communicatie in de keten’ en ‘Gedrag en gezag’, waren er beide op gericht om met nieuwe inzichten direct actie te ondernemen.

Communicatie in de keten

Wat is het geheim van goede communicatie in de keten? Tijdens de deelsessie over communicatie in de gft-keten zijn veel praktijkervaringen uitgewisseld tussen de deelnemers die qua achtergrond wisselden van tussen gemeenten en verwerkers en vanuit eigen ervaringen als een burger thuis. Daaruit kwam naar voren dat betere afstemming en samenwerking in de keten cruciaal zijn om de kwaliteit van GFT te verbeteren. Belangrijke conclusies zijn dat gemeenten een sterkere regierol kunnen pakken in communicatie en betere data-uitwisseling nodig zijn, en dat terugkoppeling over kwaliteit sneller en concreter moet. De belangrijkste les is dat gemeenten en verwerkers met elkaar in gesprek gaan, om wederzijds begrip te vergroten, inzicht te krijgen in elkaars praktijk en beter te begrijpen wat de ander nodig heeft.

Gedrag en gezag

Deze werksessie zette de deelnemers, na een korte introductie over gedragsfactoren, zelf aan het werk in het ontdekken van nieuwe mogelijkheden als het gaat om het meten van gft-gedrag en het geven van feedback naar de inwoners. Wat zou je kunnen meten, en hoe zou je dat kunnen terugkoppelen zodat inwoners meer en beter gft gaan scheiden? Dat leverde niet alleen veel ideeën op, maar ook een innovatief en educatief inzicht.

Tamara van der Meijden van HVC vertelde namelijk over een virtuele expeditie bij de afvalenergiecentrale in Alkmaar voor leerlingen uit groep 8. “We laten op een leuke manier zien hoe de keten werkt, inclusief VR-bril. Maar ook wat mensen zelf thuis kunnen doen. Aan het einde vragen we de kinderen om een belofte te doen. Daar zit wel wat gedragspsychologie achter: je geeft wat en vraagt iets terug. Maar het zet ze ook tot nadenken. Ik roep andere verwerkers dan ook op: laat je werkzaamheden zien, dat werkt echt voor de bewustwording.”

Addie Weenk van Rijkswaterstaat kon daarnaast melden dat er met de creatieve opbrengst in de sessie ook echt wat wordt gedaan: het wordt een bijdrage aan  de nieuwe versie van de Gids Afvalscheiding en Gedrag.  Uiteraard zal dit overzicht ook worden teruggekoppeld aan de deelnemers van het congres.

Deelsessie: AI bij afvalinzameling

Hoe kunnen camera’s en AI helpen bij het correct inzamelen van gft? Drie inzamelaars aan het woord:

In de gemeente Doetinchem, een Diftar-gemeente, haalt BUHA-gechipte minicontainers op. Voor Michiel van Gijtenbeek betekende meten met een chip beter actie ondernemen. Maar: “Door de strengere controle werd er ook meer afgekeurd.”

In de gemeente Delft kampte Avalex met ondergrondse containers waar 75 procent van de vracht afgekeurd werd. Er viel dus veel winst te behalen voor Virgil Grot. “Het inzetten van AI loont om acceptatie bij verwerkers te vergroten. Daarnaast kunnen we een betere selectie per container maken.”

ROVA zamelt afval van 26 gemeenten in, waaronder Zwolle en Arnhem. Corina Hendriks vertelt dat de kwaliteit van gft iets beter werd door de toevoeging van AI in minicontainers. “Er is alleen een lange weg te gaan, want de beeldherkenning laat nog te wensen over. Als je op huishoudniveau wil sturen, en interventies wil doen, moet je zeker zijn dat je metingen kloppen. AI-camera’s hebben veel potentie voor afvalinzameling, maar wees altijd kritisch op de input en output van het model.”

Deelsessie: Hoogbouw

Hoe krijg je bewoners uit de hoogbouw mee in gft-inzameling? Laurens Kroes van Lentekracht presenteerde resultaten uit een case in Amersfoort. Wat werkt? Een aanbeveling gaat over een participatieve aanpak: zoek bestaande netwerken in wijken op en voer in de eigen omgeving van de bewoners het gesprek over gft-inzameling.

Jeanine Wolfs, projectleider bij de gemeente Rotterdam, is ook bezig met de inzameling van gft in hoogbouw en heeft een tip voor andere gemeenten: “Maak duidelijk waarom mensen het doen, kijk hoe je bewoners wat kan teruggeven voor hun inzet. Als je een project hebt uitgerold, ga dan niet meteen weg uit de wijk, zorg dat je zichtbaar blijft. Start een nazorgcampagne. Wij gaan op vier momenten binnen een jaar na de start terug de wijk in om het onderwerp gft levend te houden.”

Als er vervolgens meer gfe uit de hoogbouw wordt ingezameld, hoeft dat voor verwerkers geen probleem te zijn, stelt Tom Blommaart van Renewi. “Er ontstaat eigenlijk een derde organische stroom: gfe/voedingsresten met af en toe een stukje verpakking eraan. Dat is in de verwerking goed te scheiden. Middelgrote tot grote gemeenten hebben genoeg hoogbouw om een aparte inzameling (en route) te kunnen rechtvaardigen.”

Deelsessie: Laagbouw

Er zit nog te veel gft-afval in het restafval en dat zijn met name etensresten. Alhoewel er veel aandacht uitgaat naar de inzameling van gfe in de hoogbouw, is dat ook in de laagbouw van belang.

IPR-Normag presenteerde de resultaten van een VANG-onderzoek met vier in Nederland toegepaste methoden om de inzameling van etensresten in de laagbouw te stimuleren: intensief communiceren, gebruik van keukenbakjes, een extra brengvoorzieningen in de wijk en hoogfrequent huis aan huis inzamelen van gfe. Vanuit de deelnemers werd nog het beschikbaar stellen van composterebare zakjes aangedragen. De methoden hebben een verschillende impact en kosten maar duidelijk is wel dat de sleutel lijkt te liggen in meer service.

Deelsessie: Voedselverspilling

De sessie werd afgetrapt met een overzicht van hoeveel water, land, CO2 en geld verloren gaat bij de verspilling van voedsel. Wat kunnen we van Vlaanderen leren als het gaat om preventie van voedselverspilling? Ann Braekevelt (OVAM) liet zien wat werkt in Vlaanderen bij diverse preventieprojecten:

  • Ga op markten staan voor persoonlijk contact. ‘Proevertjes’ zijn goede ijsbrekers.
  • Zorg voor een mix van workshops: online (laagdrempelig) én live (meer interactie).
  • Werk samen met vertrouwde partners voor bewoners zoals scholen: dat verlaagt de drempel en zorgt voor meer bereik.
  • Kijk bij controles van de gft-minicontainers met afvalcoaches ook naar hoeveel eetbaar voedsel er nog weggegooid wordt en geef directe feedback aan de inwoners. Dat wordt als duidelijk en eerlijk ervaren.

Ook de gemeente Breda is dit jaar begonnen om voedselverspilling tegen te gaan, vertelt projectregisseur Boukje Hulsenboom. Zij heeft de adviezen uit Vlaanderen onbewust al overgenomen, maar creatief iets anders ingevuld. Zo staat de gemeente met afvalcoaches op marktkramen, onder andere met een koelkast die live efficiënt wordt ingericht. En de gemeente maakt een kookboek tegen voedselverspilling. “Dat doen we graag, maar ik merk ook dat elke gemeente nog wel opnieuw het wiel aan het uitvinden is. Misschien is een overkoepelende rol van de overheid nodig om efficiënt samen te werken, dat kan wel eens waardevol zijn.”

Oogst

Met al deze praktische tips konden organisatoren van het Gft-congres Rijkswaterstaat, NVRD en de Vereniging Afvalbedrijven oprecht zeggen: er is wat geoogst. Om nog meer impact te maken riep men op om zich aan te sluiten bij verschillende platforms: