Tijdige zindelijkheid

Uit de praktijk blijkt dat kinderen steeds later zindelijk worden. Eerdere zindelijkheid scheelt afval, scheelt kosten voor gezinnen en leidt bovendien tot gezondheidsvoordelen voor kinderen.
Bereidheid tot gedragsverandering: geen gegevens
Uitgelichte maatregel: tijdige zindelijkheid stimuleren
Door tijdige zindelijkheid te promoten/gratis materialen aan te bieden in jouw gemeenten, kunnen ouders eerder starten met het werken aan zindelijkheid van hun kind(eren). Dit bespaart ouders zowel afval als kosten. Zo kan bijvoorbeeld de website Zomaar Zindelijk worden gepromoot/opgenomen worden in een campagne.
- Wie: ouders met jonge kinderen, maar ook anderen in hun omgeving zoals grootouders, kinderdagverblijfmedewerkers, andere zorgprofessionals. We noemen deze groep ‘opvoeders’.
- Wat: Kinderen zijn nu later zindelijk dan vroeger. Ouders beginnen vaak pas met oefenen wanneer het kind bijna naar de basisschool gaat, terwijl de leeftijd waarop kinderen signalen[1] van zindelijkheid laten zien en kunnen starten met zindelijk worden, tussen de 18-24 maanden ligt. Ouders herkennen de signalen niet altijd rond deze leeftijd[2]. Daarnaast kan het gemak van de huidige (wegwerp)luier de noodzaak om een kind snel zindelijk te krijgen doen afnemen.
- Hoe: Opvoeders helpen de signalen te leren herkennen wanneer een kind klaar is voor het werken aan zindelijkheid. En opvoeders de vaardigheden geven hun kind te helpen zindelijk te worden
- Waarom wel: Minder luiers bespaart geld. Stap voorwaarts in de zelfstandigheid van de kinderen en onderdeel van een gezonde ontwikkeling van een kind. Op tijd starten met zindelijk worden voorkomt ook medische problemen. Te laat starten met zindelijkheid kan zorgen voor uitgestelde zindelijkheid en incontinentie op schoolleeftijd.
- Waarom niet: Door drukte soms weinig prioriteit aan gegeven, er is soms onzekerheid bij ouders over hoe dit goed te doen. Kinderdagopvang wacht vaak tot ouders zelf met vragen over zindelijkheid komen.
[1] Zie de website van het Nederlands Jeugdinstituut voor voorbeelden van signalen.
Ouders herkennen vaak de signalen niet wanneer hun kind klaar is om te werken aan zindelijkheid. Zorgprofessionals kunnen hen daarbij helpen. Het is ook doeltreffender, omdat ouders een zorgprofessional meer vertrouwen dan commerciële informatievoorziening.
Als gemeente is het belangrijk een netwerk op te zetten van zorgprofessionals die allemaal dezelfde boodschap over zindelijkheid uitdragen. Zo wordt de gemeente de verbindende factor. Voor zindelijkheid is de jeugdgezondheidszorg (JGZ - vaak aangeduid als consultatiebureau), het Ouder- en Kindcentrum, en Centrum Jeugd en Gezin een goede ingang. Als ambtenaar op het gebied van afval/circulaire economie kan je contact opnemen met de ambtenaar op het gebied van (jeugd)gezondheid en aansluiting zoeken bij het programma Kansrijke Start.
Communicatie kan op verschillende manieren:
- Deel informatie over zindelijkheid met de ouders via zorgprofessionals over het herkennen van signalen en het belang ervan. Eerder zindelijk worden scheelt niet alleen afval, maar bespaart de ouders ook geld.
- Communiceer over hoe ouders voor tijdige zindelijkheid kunnen zorgen. Op de VANG-website vind je een overzicht van de aanbieders van middelen. Naast commerciële aanbieders vind je ook de website Zomaar Zindelijk, ontwikkeld door o.a. de GGD en de gemeente Assen. Gemeente Groningen heeft een campagne gevoerd waarbij de website Zomaar Zindelijk gepromoot werd. Neem contact op met de lokale JGZ, zodat zij ouders kunnen doorverwijzen naar deze bronnen.
De gemeente kan ouders ook financieel ondersteunen bij tijdige zindelijkheid:
- Koop commerciële zindelijkheidsapps of -pakketten in, zodat inwoners deze gratis kunnen volgen. Zie het overzicht van aanbieders.
- Vergoed e-learnings voor zorgprofessionals, zodat zij aan de slag kunnen met dit onderwerp. Je kunt bij Zomaar Zindelijk e-learnings inkopen.
- Werk samen met aanbieders van zindelijkheidstrainingen om deze aan te bieden aan gezinnen. De gemeenten Apeldoorn, Barendrecht en Rotterdam hebben pilots gedaan.
- Ondersteun kinderdagverblijven aan de slag te gaan met zindelijkheidstraining. Een voorbeeld is de pilot van de Partou met De Pot Op, gefinancierd door de gemeente Den Haag.
Om de effecten van de interventies te meten kan de monitor op verschillende manieren ingericht worden. Dit is ook afhankelijk van hoe de interventie is ingericht en het bereik. Hieronder staan een aantal suggesties:
Preventiemaatregel testen
- Hoeveel ouders een proefpakket aanvragen of bij een training deelnemen (achteraf nog een vragenlijst over de ervaring)
- Via zorgmedewerkers die info bieden vragen om terugkoppeling: hoeveel % was enthousiast of gebruikt het?
- Via ambassadeurs, wat is hun bereik, hoeveel vragen krijgen ze of welke voorlichtingsmomenten?
- Meten van bereik zindelijkheidscampagne (aantal clicks op website, filmpjes bekeken, etc.)
- Uitvragen aan ouders op welke leeftijd hun kind zindelijk was
Trends binnen gemeentes
- Aandeel luiers in restafval
- Aparte luierinzameling (als die beschikbaar is)
- Panelonderzoek (steekproef) over zindelijkheid
Wat kunnen de acties opleveren?
Als een kind een jaar eerder zindelijk wordt, kunnen ouders meer dan 1800 luiers besparen (bron: Plasklas.nl). Ook kunnen ouders ongeveer €600 besparen als kinderen een jaar eerder zindelijk worden (bron: De Pot Op).